Posts tonen met het label Mens en lijden. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Mens en lijden. Alle posts tonen

donderdag 26 december 2013

Oscar et la dame Rose

Wij bekeken deze film in de klas. Ik bekeek hem nog een tweede keer om meerdere details te kunnen zien.
Het is een film die gaat over een jongen die ongeneeslijk ziek is, hij slechts nog enkele maanden te leven.
Zijn ouders werden verteld door de dokter dat de behandeling van hun zoon niet meer helpt en dat hij zal sterven. Oscar hoort het hele verhaal omdat hij staat te luistervinken op de gang. Zijn ouders weten niet zo goed hoe zij daarmee moeten omgaan en besluiten om hem niets te vertellen.

Hij loopt op een dag La dame Rose tegen het lijf, zij is de enige die hem op dat moment normaal behandelt. Hij voelt zich direct met haar verbonden en hij zegt dat hij enkel nog met haar wil praten. Bij haar eerste bezoek maakt ze, soms ongewild, grapjes over zijn ziekte. Hij vind dat heerlijk, want anders wil er niemand meer lachen met hem of met de grapjes die hij uithaalt.
Ze vertelt hem dat elke dag staat voor 10 jaar in zijn leven en laat hem op deze manier 120 jaar worden. Ze heeft hem het gevoel dat hij heel oud zal worden en bereid hem op deze manier ook voor op zijn nakende dood. Ze leert hem ook God kennen en laat hem elke dag een brief schrijven, zo komen ze ook te weten wat er in Oscar zijn hoofd speelt.
Hij overlijdt 12 dagen later maar heeft zijn volledige levenscyclus doorlopen. Hij wordt verliefd, hij trouwt met de liefde van zijn leven, leert om te gaan met zorgen voor iemand en beleeft zelfs een midlifecrisis.
Ik denk dat de auteur van dit verhaal hiermee wil tonen dat ook dood bespreekbaar moet zijn, maar dat je het wel luchtig moet houden. Door de manier waarop Oscar reageert op zijn ouders is het duidelijk dat de auteur niet akkoord gaat met de manier hoe zijn ouders reageren op de diagnose die bij hun kind wordt gesteld.

Ik kan mij daar volledig in vinden. Ik vind ook dat sterven bespreekbaar moet zijn, dat het geen taboe mag zijn. Maar dat je dat wel op een luchtige manier moet aanbrengen, met af en toe een grap en een symbolische manier om je voor te bereiden op de dood. Ik vind ook dat geloof een rol speelt in het lijden en dat dit zeker niet mag ontbreken bij films zoals deze.

Omgaan met lijden en dood

Als mensen met lijden en sterven te maken krijgen is dit meestal een grote schok. De wereld lijkt even stil te staan en grond schuift weg van onder je voeten. Dit is meestal ook het moment dat mensen even beginnen na te denken over wat er zal gebeuren na de dood. Het ogenblik dat mensen even stilstaan bij hun geloof.

Mensen kunnen daar heel uiteenlopend op reageren. Sommigen denken dat het leven ophoud na het sterven en anderen denken dat dood een overgang is naar een andere vorm van leven of naar een nieuw aards leven.
Ik denk dat wanneer mensen geloven in een overgang naar… meestal een voort vloeiing is van een of andere godsdienst. Bij het Boeddhisme en het Hindoeïsme volgt er na je leven een wedergeboorte, bij andere godsdiensten: de islam, Christendom, Jodendom ga je naar een ‘paradijs’ waar je een andere betere vorm van leven krijgt, als je goed geleefd hebt.

Maar ik denk dat de vraag bij het einde van iemands leven vooral is, wat kan er nu nog zinvol zijn? Zinvol voor de familie en vrienden van mensen die bv terminaal ziek zijn, maar ook zinvol voor de zieke zelf? Wie of wat kan er op dit moment nog zin geven aan het leven dat hen nog rest. De verbondenheid die er nog is met de persoon die gaat sterven.

Ik denk dat dit een vraag is die door iedereen anders zal beantwoord worden. Sommigen zullen nog bepaalde rituelen willen uitvoeren, anderen willen misschien juist veel rust.

Volgens mij is het wel belangrijk is dat er kan over gesproken worden, dat het lijden en het sterven geen taboe zijn. Ik denk ook dat als zoiets je levenspad kruist je er moet van bewust zijn dat er op dat moment nog altijd plaats moet zijn voor geluk. Soms kan humor iemand aan het lachen brengen en wat is er nu leuker dan lachen?

Toen bij mijn moeder leverkanker werd vastgesteld en daarbij ook de diagnose dat zij daaraan zou sterven, heeft mij dat diep geraakt, ik wist niet zo goed hoe ik daar moest op reageren en wat ik haar moest zeggen. Ik had zelfs schrik om haar te bezoeken. Toen ik met één van haar begeleiders praatte zei die tegen mij dat zij ervoor zorgden dat haar leven nog zo compleet mogelijk zou zijn. Hij legde mij uit dat ik niet kon denken dat haar leven vandaag al ophield en dat ik haar de kans moest geven om nog te kunnen geniet van het leven die haar nog restte. Hij zij me: “Het enige verschil dat jouw mama heeft met iemand die dezelfde dag van haar zal overlijden is dat je dit vandaag al weet dat haar overlijden zit aan te komen en dat je daar nu even bij stilstaat. Als je moeder genezen verklaart zou zijn en ze heeft binnen enkele maanden een auto-ongeluk zou je nu niet bang zijn om naar haar toe te gaan, want je zou er niet bij stilgestaan hebben dat die dag er zat aan te komen.” Ik heb toen beseft dat ik het niet kon maken om het beetje dat haar nog overbleef ook te ontnemen door droevig te zijn voor wat er zou komen.

Wij wisten in oktober 2003 dat mijn moeder terminaal was en op 27 maart 2004 is zij overleden. Wij hebben de kans gekregen om nog allemaal samen Kerstdag te vieren, dit is voor mij de mooiste Kerst geweest die ik heb meegemaakt. Mijn moeder had kousen voor ons gekocht die ongelooflijk grappig waren, we hebben die nacht staan dansen met die hilarische sokken aan, echt een moment om nooit te vergeten. Ik heb mijn moeder de hele avond zien lachen en grappen maken. Er is niet één iemand van ons die die avond gedacht heeft aan de toestand van mijn moeder. “Dat was pas nog eens een feest” zei mijn mama enkele dagen later in het ziekenhuis. “Even leek het alsof er niets gebeurt was en dat niemand medelijden had met me. Het was net als voor mijn ziekte” zei ze met de glimlach op haar gezicht.

Dit heeft mij doen beseffen dat mensen die met lijden te maken hebben soms een ‘gewoon’ leven willen hebben met ‘gewone’ gebeurtenissen. Volgens mij is het nodig dat je in het leven van deze mensen toch probeert om hen een moment van positieve aandacht te geven en het negatieve eventjes aan de kant te schuiven.

Soms kan er na de dood nog een wens in vervulling gaan. Ik las enkele dagen geleden een artikel over de kerstwens van Brenda Schmitz. Zij had een kerstwens die ze pas in vervulling wilde laten gaan als haar man opnieuw de liefde in zijn leven had gevonden.

Brenda Schmitz schreef vlak voor ze stierf een brief met daarin drie wensen. Een vriend kreeg de opdracht om de inhoud pas kenbaar te maken op het moment dat haar man opnieuw de liefde had gevonden.

De Amerikaanse vrouw stierf na een moedige strijd aan eierstokkanker in januari 2011. Een maand voor haar dood, schreef Brenda nog een brief aan het radiostation 'Star 102.5' in de staat Iowa. De zender laat ieder jaar opnieuw bijzondere kerstwensen in vervulling gaan. Een vriend kreeg de speciale opdracht om de brief pas naar het station te mailen op het moment dat haar echtgenoot David weer verliefd was geworden. Nu was het zover.

"We laten al meer dan twintig jaar kerstwensen in vervulling gaan", aldus Scott Allen, manager van het radiostation. "Maar een verzoek als dit kregen we nog nooit. Niemand hield het droog in de studio toen we de brief in handen kregen. Het inspireerde ons om iets voor Brenda en haar achtergebleven gezin te doen."

Gisteren nodigde 'Star' David uit om hem te melden dat ze een brief voor hem hadden ontvangen van zijn overleden echtgenote Brenda. Een kippenvelmoment zonder weerga.

"Glimlach"
De eerste wens van de vrouw was dat de nieuwe liefde van haar man een volledige dag zou 'gepamperd' worden omdat ze als stiefmoeder liefdevol zorg draagt voor Brenda's kinderen. "Tover een glimlach op haar gezicht en laat haar weten dat ik al haar inspanningen apprecieer", schreef de vrouw. Ze wenste eveneens dat het gezin zou getrakteerd worden op een "magische" trip en dat het verplegend personeel van het Mercy Medical Hospital waar Brenda tijdens haar ziekte werd behandeld een plezierige feestavond met eten en drank zou beleven. Daarnaast was er ook nog een brief die bestemd was voor Jane, de nieuwe vrouw in het leven van haar man.

Alle wensen van Brenda gingen in vervulling dankzij het radiostation en enkele sponsors. De familie kreeg een reis naar DisneyWorld cadeau. Brenda schonk zo de meest magische kerst ooit aan haar man en kinderen. Kerst in de ware betekenis van het woord...

De aangrijpende beelden van het moment waarop de brief van Brenda aan haar man wordt voorgelezen in de radiostudio kan u hieronder bekijken. Een zakdoek is daarbij geen overbodig attribuut.

Ook de ouders van Achiel, die hun baby hebben verloren, zeggen dat het was voor hen belangrijk dat er even positieve aandacht geschonken werd aan Achiel, en even het gegeven dat hij zou sterven aan de kant werd geschoven.

Ook dat wil Jan Decock, die in de gevangenis werkt, duidelijk maken. Het is nodig om de gevangen duidelijk te maken dat zij ook iets goeds in zich hebben en niet steeds weer te hameren op wat ze slecht hebben gedaan. In elke mens zit iets goeds. Door dat positieve in die mensen naar boven te halen, kan je van hen een beter mens maken. Wat natuurlijk niet wil zeggen dat niet moeten boeten voor wat zij hebben gedaan. Maar er is ook een leven in de gevangenis of een leven na de gevangenis. Het is beter dat mensen daar als goede positieve mensen uitkomen.


Ik geloof ook dat in iedereen en in alles iets goeds schuilt. ‘Er is niets zo slecht dat het voor niets goed is.’ Ik kan niet geloven dat er iets gebeurt of dat er iemand geboren wordt en puur ‘kwaad’ is. Volgens mij kan je er altijd iets goeds in terugvinden. Dat goede is niet de reden van dat slechte gebeuren. Of het goede in een mens kan ook zijn slecht kant niet wegnemen of goedmaken, maar er is altijd iets goeds in te vinden.

Dit toont ook aan dat mijn visie op daders die van fragmentatie is. Een mens neemt verschillende rollen aan, soms doen zij goede dingen en soms doen ze kwade dingen, maar in wezen is er geen enkele puur kwade of puur goede persoon. Op deze manier houd ik ook de mogelijk tot vergeving open, een persoon die iets kwaads heeft gedaan, kan altijd terug tot inkeer komen. De mens op zich kan vergeven worden, maar niet hetgeen hij heeft gedaan, zijn handelingen kunnen nooit goedgekeurd worden.


woensdag 25 december 2013

Is er leven na de dood?

Dat is een moeilijke vraag waar iedereen al eens heeft bij stilgestaan. We kunnen natuurlijk nooit in zekerheid antwoorden of er leven na de dood is, er bestaat geen wetenschappelijk bewijs van.

Toch wil ik geloven in een leven na de dood, al zijn mijn twijfels soms groot. Ik kan er rust in vinden om te denken dat er een leven is na de dood. Hoe dat leven er dan uit ziet, weet ik helemaal niet, maar ik vind het niet altijd nodig om iets te kunnen bewijzen of een perfect beeld ervan te kunnen vormen om in iets te geloven.

De reden waarom ik wil geloven in een leven na de dood, is omdat ik het voor mij beter vind om bepaalde zaken te verwerken, zoals de dood van mijn moeder. Maar ook omdat ik dan een reden heb om mijn aardse leven goed te maken. Ik denk dus ook dat ons leven hier op aarde invloed heeft op een leven na de dood.
In bepaalde culturen gelooft men in reïncarnatie. Daar gaat mijn persoonlijke voorkeur niet naar uit, ik denk dat, na dit aardse bestaan er een zich andere vorm van leven zal ontwikkelen. Ik denk ook dat wij een geheel zijn van een nog groter bestaan.

Ik heb ooit een lezing bijgewoond van Luc Versteylen die ons leven en onze dood op een heel mooie manier omschrijft, volgens hem heb je bij elke dood een wedergeboorte, net zoals bij de boeddhistische religies, maar die wedergeboorte is telkens naar een nieuwe vorm van leven.

In onze eerste levenscyclus hebben we onze eerste geboorte, Die gebeurt bij ons ‘ontstaan’. Wanneer de eicel bevrucht wordt en de eerste cellen van ons menselijk lichaam wordt gevormd. We groeien en leven tot negen maanden in de buik van onze moeder. Zonder te weten wat er buiten deze baarmoeder gebeurt. We horen af en toe iets en weten ergens wel dat er iets is buiten die baarmoeder, maar we hebben geen enkel idee wat er daar is, al weten we dat we daar wel naar toe gaan.

In onze tweede levenscyclus hebben we onze tweede geboorte, onze aardse geboorte. We verlaten de vertrouwde baarmoeder en gaan naar ‘iets’ wat we niet kennen. Dit is onze eerste dood en tevens onze tweede geboorte. We hebben hier op aarde een leven waarvan wij weten dat er nog ‘iets’ meer is dan ons, zonder dit ooit te kunnen aanraken of te weten hoe dat eruit ziet. We weten wel dat we ernaar toe gaan, net als in onze vorige levenscyclus, en hebben dus weer geen enkel idee wat er daar is of hoe het eruit ziet. We weten alleen dat het op één dag zal gebeuren. Dit zal onze tweede dood zijn en volgens mij een derde geboorte.

De eerste vraag die hierbij rijst is natuurlijk: Wat met een miskraam, of baby’s die te vroeg geboren worden en daardoor sterven voor hun geboorte? Volgens mij zijn dat mensen die om een of andere reden deze aardse levenscyclus overslaan. Maar de reden daarvan weet ik niet.


Ik ben ervan overtuigd dat er leven na de dood is en dat mijn moeder en andere mensen die mij al hebben verlaten kunnen zien wat ik doe in dit leven. En dat zijn zelfs een invloed hebben op mijn handelen, denken en voelen. Ik wil ook niet geloven dat ik hier zal verdwijnen en dat de persoon die ik ben en hoe ik denk in één slag zal verdwijnen in het niets. 

Eens kwam een man met tranen in de ogen bij me en zei: ons Martine is erg ziek en ze heeft volgens de dokter maar tien dagen meer te leven, kan je ons helpen?
Het meisje, veertien jaar oud, lag op de kinderafdeling van het ziekenhuis. Haar moeder zat aangeslagen dag en nacht aan haar bed.
Ik zei: ik ga haar een brief schrijven. Een brief waarin ik wil proberen te antwoorden op haar beknellende vraag: moeke, waar ga ik nu naar toe?
Ik schreef haar:
Martine, je hoeft niet bang te zijn voor de dood. Want eigenlijk ben je ooit al eens dood-gegaan, en zie, toch leef je nog.
Eigenlijk zijn wij mensen allemaal al twee keer geboren en één keer gestorven. Alleen, we weten het niet meer. Toen je moeder, Martine, eergisteren vertelde over je blije geboorte, toen zei je: da weet ik nie meer zunne. En toch was die geboorte al de tweede geboorte. De eerste, daar weten we nog veel minder van en toch hebben we die ook beleefd. Dat was toen wij ontvangen werden in de schoot van onz' moeder. Dit was het begin van ons eerste leven, binnenin de moederschoot. Daarin zijn we gegroeid van één celletje naar een volgroeid wezentje. Tot we begonnen uit onze moederschoot weg te willen, omdat we voelden dat onze tijd gekomen was.
Ieder van ons, ook jij Martine, voelde zich goed in die moederschoot. En toch moest je er weg, toch kon je er niet blijven. En dan, Martine, ben je voor de eerste keer doodgegaan. Of liever, je dacht dat je aan het doodgaan was, maar meteen was duidelijk dat dood-gaan een door-gaan is. Je bent ter wereld gekomen, voor de tweede maal geboren. Wie bij die geboorte binnen in de moederschoot zou kunnen kijken, zou niets anders zien dan pijn en verdriet en niets anders horen dan de klacht: waarom gaat zij nu van ons weg, was het dan niet goed bij ons? Maar niemand denkt na de geboorte nog aan de pijn, zelfs de moeder niet, want iedereen is blij om het nieuwe leven dat nu zichtbaar is.
En zo begon dan voor ons het tweede leven. Ook voor jou, Martine. En eigenlijk zou je nog vijftig, zestig, zeventig jaar volle leven te wachten moeten staan. Maar nu komt de dokter zeggen: Martine, je hebt nog maar amper tien dagen te leven. Wat gebeurt er nu met jou? Vlieg je nu uit de bocht? Tel je niet meer mee? Of zou het niet kunnen, Martine, dat je nu weer door een dood heengaat, om in je derde leven geboren te worden?
Van deze derde geboorte voelen we alleen maar de pijn en de angst aan de binnenkant, hier en nu. Maar hoe vredig kan het ons niet maken, wanneer wij geloven dat wij door al die pijn en angst heen, herboren zullen worden naar de hemel, waar geen rouw meer zal zijn, geen geween, geen pijn, geen verdriet en ook nooit geen dood meer. En zoals niemand in de moederschoot kan terugkeren om te laten weten dat doodgaan geboren worden is, kan niemand uit het derde leven ons zeggen hoeveel zaliger het daar is.
(Luc Versteylen)